Veelgestelde vragen

Jazeker, u kunt bij de Hartenbank geregistreerd staan en gelijktijdig geregistreerd zijn als orgaandonor in het landelijk donorregister. Wanneer u komt te overlijden zal een arts altijd eerst een overlijdensverklaring moeten afgeven. De arts die ter plekke is zal eerst bepalen of orgaandonatie mogelijk is. Als de donor in aanmerking komt voor orgaantransplantatie, heeft dit voorrang op de hartobductie. Orgaandonatie is alleen mogelijk wanneer iemand in het ziekenhuis of de ambulance komt te overlijden. Ook speelt leeftijd daarbij vaak een rol. Wanneer u buiten het ziekenhuis of de ambulance komt te overlijden, is hartdonatie aan de Hartenbank wel mogelijk.

Aanvullend bepaalt een arts (en niet de Hartenbank) of donatie van huid, hoornvlies en in sommige gevallen ook andere weefsels mogelijk is. De combinatie van hartdonatie aan de Hartenbank met huid- en hoornvliestransplantatie (en enkele andere weefsels) is mogelijk. Zo ja, dan meldt de arts de donor aan bij de Nederlandse Transplantatie Stichting. De medewerker van de Transplantatiestichting komt vervolgens naar de VU (Amsterdam), om daar het donatiemateriaal uit te nemen. Dit gebeurt meteen na de uitname van het hart.

Helaas is dit niet (meer) mogelijk. Anatomische afdelingen willen graag een compleet lichaam ontvangen. Als het hart uit het lichaam is gehaald, kunnen zij het niet meer gebruiken. U zal dus een keuze moeten maken tussen tussen het zijn van hart- en/of hersendonor en uw lichaam beschikbaar stellen aan de wetenschap.

 

Ja, dit is mogelijk. Naast het doneren van uw hart via de Hartenbank, kunt u uw hersenen te doneren via de Nederlandse Hersenbank (https://www.hersenbank.nl). Als u hier interesse in heeft, moet u zich hiervoor apart te registreren bij de Nederlandse Hersenbank. De Hartenbank en de Nederlandse Hersenbank zijn aparte organisaties maar werken nauw samen. Het uitnemen van het hart en de hersenen gebeurt gelijktijdig in het Amsterdam UMC, locatie VUmc.

Ja, dat kan. Dit kan voor onze onderzoekers juist heel interessant zijn.

Het is mogelijk dat de Hartenbank bij het overlijden van een donor besluit de donatie niet door te laten gaan. Dit is het geval als:
  • er op dat moment vanuit de onderzoekswereld geen vraag is naar het hartweefsel (met een specifieke diagnose);
  • de donor zich op dat moment niet in Nederland bevindt.
  • de donor heeft aangegeven ook lichaamsdonor te willen zijn. Helaas is het momenteel niet mogelijk om hartdonatie te combineren met lichaamsdonatie. Er moet een keuze worden gemaakt tussen beide donatievormen. Lees daar hier meer over;
  • er een bezwaar is van nabestaanden;
  • de donor een besmettelijke infectie of ziekte heeft die een gevaar kan vormen voor het obductieteam;
  • er een te lange tijd tussen overlijden en overlijdensmelding zit. Het is daarom belangrijk om zo snel mogelijk de overlijdensmelding door te geven. De Hartenbank streeft ernaar om binnen 24 uur de obductie te doen.

Na de hartobductie wordt het materiaal opgeslagen in onze biobank in het Amsterdam UMC, locatie AMC. Tijdens de obductie wordt gebruik gemaakt van een standaard protocol, waarbij sommige delen van het hart worden ingevroren en andere delen met een fixatief (formaline) worden gefixeerd en daarmee behouden. Het ingevroren materiaal wordt opgeslagen in -80°C vriezers.

Om te waarborgen dat het hartweefsel op een verantwoorde en efficiënte wijze wordt uitgegeven voor onderzoek, zal een uitgifte toetsingscommissie elke aanvraag beoordelen op praktische en wetenschappelijke kwaliteit.

Ja, dit is mogelijk. Eerst vindt de obductie plaats, daarna de thanatopraxie.

Het antwoord op beide vragen is nee. De obductie staat de normale procedure van begrafenis of crematie niet in de weg, aangezien het lichaam na 1 dag (na ophalen overledene) weer wordt overgedragen aan de nabestaanden. Bij uitzondering duurt dit 2 dagen. De kosten van het vervoer en de obductie zijn voor rekening van de Hartenbank. Wij werken nauw samen met een begrafenisondernemer die zorgvuldig het vervoer van de overledene regelt. Het vervoer gaat middels rouwvervoer (overledene is dan gekleed in een wit gewaad). De familieleden geven aan naar welke bestemming de overledene na de obductie vervoerd kan worden. De kosten van de opbaring, begrafenis of crematie blijven voor de nabestaanden.

 

De Hartenbank houdt zich aan de regels van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Het hartmateriaal en de bijbehorende medische gegevens worden gecodeerd (zonder dat de donor geïdentificeerd kan worden) uitgegeven voor wetenschappelijk onderzoek. Alle gegevens die zowel tijdens leven als na overlijden van u worden verzameld worden gecodeerd bewaard in een beveiligde database.

Toestemming

U kunt uw toestemming voor donatie van uw hart en persoonsgegevens aan de Hartenbank voor wetenschappelijk onderzoek altijd weer intrekken. Uw gegevens worden na intrekking van uw toestemming verwijderd. Klik hier voor het formulier voor intrekken van uw toestemming.

Ja. Weefsel van een donor met een PLN-mutatie zal zodoende zowel direct als indirect bijdragen aan het verder ontrafelen van PLN-gerelateerde hartziekten. Voor onderzoek naar de hartspierziekte PLN is het heel belangrijk dat ook gezond hartweefsel en weefsel van andere hartziekten beschikbaar is voor wetenschappelijk onderzoek. Juist het inzicht in de verschillen tussen hartweefsel met een PLN-mutatie, gezond hartweefsel en hartweefsel afkomstig van personen met een andere hartziekte, is van belang om de ‘PLN-vingerafdruk’ en de verschillende ziektestadia van PLN verder te ontrafelen. Een onderzoeker die bijvoorbeeld primair onderzoek doet naar ontsteking in de hartspier en daarvoor weefsel opvraagt bij de Hartenbank, kan dan ook geadviseerd worden om ook stukjes hartweefsel te onderzoeken van PLN-dragers. Zo worden de verschillen en overeenkomsten tussen de ziektebeelden beter in beeld gebracht en kan de ‘PLN-vingerafdruk’ verder worden ontrafeld. 

 

Ja, als u zich aanmeldt als donor bij de Hartenbank dan wordt uw hart na het overlijden samen met uw medische gegevens opgeslagen voor medisch wetenschappelijk onderzoek.

Na een harttransplantatie wordt het uitgenomen zieke hart in het transplantatiecentrum onderzocht en wordt het weefsel bewaard. De Hartenbank brengt de mogelijkheden in kaart om ook hartweefsel van personen die een harttransplantatie (hebben) ondergaan, beschikbaar te stellen voor onderzoekers via de Hartenbank. Zodra hierover meer bekend is zullen wij de huidige en toekomstige donoren hierover uitgebreid informeren via onze kanalen (o.a. via onze nieuwsbrief & website).

Het is mogelijk dat bij het overlijden van een donor de Hartenbank besluit de donatie niet door te laten gaan. In een aantal situaties kan hartdonatie helaas niet plaatsvinden:

  • Als er vanwege logistieke problemen geen obductie plaats kan vinden.
  • Als de donor een (besmettelijke) ziekte heeft die en gevaar kan vormen voor het obductieteam.

In 2021 en 2022 hebben de eerste hartobducties plaatsgevonden. Inmiddels zijn er al meer dan 28 obducties verricht. Wij zijn vanzelfsprekend de nabestaanden enorm dankbaar voor hun medewerking.

En goed nieuws: op dit moment is het eerste hartweefsel uitgegeven voor wetenschappelijk onderzoek aan een onderzoeker van het UMC Utrecht. Daarnaast zijn er gesprekken gaande met onderzoekers die geïnteresseerd zijn in weefsel van de Hartenbank.

U kunt hier meer informatie vinden over hoe weefsel door onderzoekers aangevraagd kan worden bij de Hartenbank.

De Hartenbank doet elk jaar mee met een aantal sportieve activiteiten, om geld op te halen voor onze biobank. Je kunt ons hier een financieel zetje in de rug geven.